Planeet Zee

Klein plastic; ook groot probleem?

 
 
Een mossel in de hoogst geteste concentratie.
De kleur van het water wordt veroorzaakt door de roze nanoplastics
© WageningenUR

Microplastic lijkt in vergelijking met grote stukken plastic op het eerste zicht heel wat minder schadelijk, maar deze minuscule deeltjes zorgen voor heel andere problemen. Het micro-formaat maakt microplastic juist macro-gevaarlijk.

Microplastics vervuilen het zeezand en het water in steeds grotere concentraties. Ze werden ondertussen in de meest afgelegen delen van de oceaan teruggevonden, tot 5000 m diepte. Daarenboven zijn ze in de voedselketen beland. Microplastics worden aanzien voor voedseldeeltjes, of worden door filtervoeders gewoon samen met al de rest uit het water gefilterd. Belgisch onderzoek toonde aan dat Noordzeemosselen microplastics in hun vlees hebben. Dit zijn echter niet de enige zeedieren. Garnalen, oesters, zeepieren, kreeften en zeepokken hebben ook microplastic in hun lichaam. Laboratoriumonderzoek wijst uit dat de dieren geen nadelen ondervinden zolang de concentraties niet veel hoger liggen dan wat we vandaag in het milieu zien. Zodra deze hoger waren, ontstonden problemen bij de voorplanting.

Ook bij verschillende soorten vissen werden microplastics in de maag aangetroffen. Aangezien vissen doorgaans worden gekuist voordat we ze opeten (verwijderen van de maag en darmen), komen de microplastics niet op ons bord terecht. Bij garnalen, oesters en mosselen, eten we het dier zo goed als volledig op. Per portie mosselen, wat ongeveer 250 gram mosselvlees bevat, krijg je gemiddeld negentig stukjes microplastic binnen. De laatste jaren treffen we nog microplastics aan in zout, in drinkwater, in melk, in bier en in honing. Microplastics vormen een bedreiging voor onze voedselveiligheid.

Onderzoekers zijn op dit moment volop bezig om uit te zoeken wat de gevolgen zijn van microplastics in de voedselketen. Ondertussen is bekend dat allerlei chemicaliën in zee, zoals pesticiden, dioxines of oestrogenen, zich aan plastic binden, in veel hogere concentraties dan het omliggende water. Als een spons zuigen microplastics giftige verbindingen uit het water op.  Daarenboven komen er ook schadelijke stoffen zoals bisphenol-A vrij uit de plastics. Vissen die in een laboratorium een mix van de kunststof polyethyleen en chemische toxines gevoederd kregen, ondervonden ernstige schade aan hun lever.

Onderzoekers vermoeden dat de hele kleine deeltjes, die nog met moeite waar te nemen zijn op microscopisch niveau, de nanoplastics, misschien klein genoeg zijn om levende cellen binnen te dringen en hier mogelijks de werking ervan te verstoren. We weten alvast dat ze zich kunnen verplaatsen via de ruimte tussen cellen van de menselijke darm. Er zijn nog te weinig wetenschappelijke gegevens om te weten welke schade ze precies aanrichten.

Op dit moment zijn er geen voedingsnormen voor microplastics. Noch staat er op de verpakking van een product hoeveel microplastics het ongeveer bevat. Belgische wetenschappers berekenden hoeveel microplastics je nog veilig zou kunnen noemen. Ze kwamen op zo’n 6650 deeltjes per kubieke meter. Naar schatting zal in 2100 een kubieke meter oceaanwater 10 tot 50 drijvende deeltjes microplastic bevatten, waarschuwen het Vlaams Instituut voor de Zee, de Universiteit Gent en de Universiteit van Wageningen. Dat is vijftig keer meer dan vandaag, maar dus ruim onder de drempel die momenteel als veilig beschouwd wordt.  Dat neemt niet weg dat die stijgende hoeveelheden in de toekomst een hogere belasting op het ecosysteem en het zeevoedsel zullen vormen. Zeker voor gebieden zoals havens, stranden en andere getijdenzones zal de veilige norm overschreden worden.

 
Meer dan 90 procent van het microplastic zinkt naar de bodem, 1 procent blijft drijven en zo’n 5 procent spoelt aan.
(c) VLIZ/Ugent/WUR
 
Zijn er straks meer microplastics dan sterren in ons sterrenstelsel? (c) UNEP